Een angststoornis laten behandelen met EMDR

Vaak komen lange teksten de leesbaarheid niet ten goede. Soms is het echter nodig om een wat langere tekst te schrijven. Deze blog bijvoorbeeld. In minder woorden lukt het mij niet om mijn gevoel, mijn angst, goed aan je over te brengen. En voor begrip is nu eenmaal wat meer tijd nodig. Ik hoop daarom dat je niet afhaakt op de lengte van de tekst. Want ik heb je namelijk echt iets te vertellen. Ik wil je iets vertellen over mijn angst voor naalden en de behandeling die ik daarvoor gevolgd heb.

Mijn grootste angst
Nog niet zo lang geleden kon ik nachten wakker liggen als ik wist dat ik een injectie zou krijgen. Letterlijk meerdere nachten achter elkaar wakker liggen! De gedachte aan een naald op zich bezorgde me al kriebels. Op plekken waar het risico bestaat om een prik te moeten krijgen, zoals bij de tandarts of de huisarts, vermeld ik daarom uit voorzorg altijd dat ik last heb van prikangst, of injectiefobie, net hoe je het wilt noemen en dat ik dus onder geen beding wil worden overvallen met een spuit. 

Inentingen waren voor mij een verhaal apart. Mijn man en ik zijn dol op reizen en om de tropische bestemmingen te bereiken worden nu eenmaal vaak inentingen aanbevolen. Ziek worden - en het risico platgespoten te moeten worden - is nog vele malen erger dan een prikje, dus dat bleef ik mezelf voorhouden. Met klamme handjes zat ik dan weer in de wachtkamer bij de huisarts. Zo opgewekt mogelijk stapte ik de behandelkamer in, tijdens het klaarmaken van de injectie keek ik een andere kant op en tijdens de daadwerkelijke injectie vroeg ik de arts tegen me te blijven praten. Iedere keer weer bleek het achteraf reuze mee te vallen. En ook dat probeerde ik me steeds weer te herinneren als ik een inenting moest halen. Toch gebeurde het meer dan eens dat de huisarts me vroeg na de inenting - als het werk er dus al op zat - even te blijven zitten, omdat de kleur van mijn gelaat verdacht veel overeenkwam met het papier op de behandeltafel. De spanning kwam eruit en ik was er nog wat wiebelig van. Door even rustig te blijven zitten, kon ik even daarna opstaan zonder direct tegen de grond te klappen. 

Bloedprikken is echter een compleet ander verhaal. Dat doe ik gewoon niet. Of in ieder geval zeker niet op afspraak. En ook niet als ik overvallen word. Maar ook niet als ik ziek ben en mijn bloed moet gecontroleerd worden. Dan weet ik maar niet wat me mankeert. Kortom, bloedprikken probeer ik zoveel mogelijk te vermijden. Maar ja, dat kan natuurlijk niet goed blijven gaan. Toen mijn man en ik in 2010 voor een erfelijkheidsonderzoek in het Erasmus uitkwamen, was ik ervan overtuigd dat mijn man op dat moment alleen bloed zou moeten afgeven. Zelfs daar was ik enorm gespannen voor en dan werd er niet eens van mij verwacht dat ik zijn hand vast zou houden of in dezelfde ruimte zou zitten. Toen de dokter aangaf dat het onderzoek zonder mijn bloed zinloos zou zijn, brak de paniek uit. De minuten die volgden kan ik me niet goed herinneren. Ik weet dat ik ermee ingestemd heb om te prikken en dat mijn man van de arts tegen me moest blijven praten. Ook weet ik dat ik heb gezegd dat het dan maar zo snel mogelijk gebeurd moest zijn en dat we dus meteen zijn gaan prikken. Mijn hartslag loopt nog op als ik aan dat moment denk. Achteraf vind ik het misschien het ergst dat mijn man mijn angst zo heeft moeten zien. Je wilt niet dat iemand je zo ziet en willen we ons in die zin niet allemaal een klein beetje groothouden? Zelfs voor onze eigen partner?

Je kunt wel stellen dat het voor mij dus een serieus probleem was, dat mijn leven behoorlijk beheerste. Zelfs als er geen sprake was van injecties bij mijzelf, dan kwam er op tv wel een item voorbij waarin een naald te zien was. Hier droomde ik vervolgens over en werd dan badend in het zweet wakker. Een kinderwens had ik zeker, maar door mijn angst heb ik me vaak afgevraagd of dat wel voor ons weggelegd was. Want bij een zwangerschap hoort nu eenmaal minimaal een bloedafname. Voor mij was het een reden om het krijgen van een kind voor me uit te blijven schuiven. 

De oorzaak
Hoe ik aan de angst ben gekomen, weet ik eigenlijk niet. Ongeveer 0,1% van de bevolking schijnt er last van te hebben en vaak wordt het veroorzaakt door een ervaring als kind, waarbij onder dwang geprikt is. Een dergelijke ervaring kan ik mij niet heugen. Ik weet nog wel dat ik als 15-jarig meisje een oproep kreeg voor de inenting tegen meningokokken C. De inenting stond gepland op een datum waarop ik voor het eerst alleen op vakantie zou zijn met mijn vriendje. Ik heb tranen met tuiten gehuild, want in de brief stond dat de afspraak niet verzet kon worden. Puntje bij paaltje kon ik in een andere sporthal, op een andere datum terecht en waren alle tranen voor niets geweest. Of was ik toen soms ook al bang? Het enige dat ik me van de daadwerkelijke prik nog kon herinneren was dat ik iets tegen de verpleger zei en dat er vervolgens aan me gevraagd werd of ik soms op een brancard wilde liggen. Na afloop kreeg ik een pleister waar een gezichtje op getekend was, omdat ik trots mocht zijn dat ik de prik gehad had. Ik heb me zelden zo klein gevoeld. De feitjes die me bijgebleven zijn, doen vermoeden dat er op dat moment al sprake was van angst. 

Waarom ik zo graag wil weten waar mijn angst vandaan komt? De oorzaak van de angst dient als basis voor de therapie die ik heb gevolgd. Maar zoals uit mijn ervaring blijkt - ik weet tot op de dag van vandaag niet wat de oorzaak van mijn angst is - kun je je ook succesvol laten behandelen als je de oorzaak niet kent. Laat je hier dus zeker niet door tegenhouden. 

Er moest iets gaan gebeuren
In 2015 besloten we dat we toch voor een kindje wilden gaan. Ik wist dat ik als het echt zou moeten, ik wel bloed zou prikken en dan dus maar moest dealen met de angst. We hadden echter niet kunnen vermoeden - en hopen - dat ik na drie maanden al zwanger zou zijn en bloedprikken kwam ineens wel erg dichtbij. De angst overschaduwde het geluk en ik realiseerde me dat ik er echt iets aan moest laten doen. Ik zocht daarom contact met IPZO, een centrum dat gespecialiseerd is in angstbehandelingen. Door mijn zwangerschap werd ik een spoedgeval en een week later zat ik in Rotterdam voor de intake. Psycholoog Rita probeerde er tijdens de gesprekken achter te komen waar mijn diepgewortelde angst vandaan kwam. Maar zoals eerder gezegd zijn we er niet in geslaagd om daarachter te komen. Na de eerste afspraak kreeg ik een knelband mee maar huis. Je weet wel, zo'n band die ze om je arm doen, zodat de aderen iets hoger komen te liggen en makkelijker zichtbaar zijn. Tijdens het eerste gesprek ontdekten we dat het zien, voelen en omdoen van zo'n band de nodige spanning bij me opriep. Ook een bloeddrukmeter dreef me tot waanzin. Daarom kocht ik er een om thuis mee te oefenen. In de week die volgde, oefende ik thuis met de band en de bloeddrukmeter. Ik liet ze door mijn vingers glijden, deed de knelband om mijn pols en later in de week moest ook de bovenarm van mijn man eraan geloven. Mijn eigen arm was nog een stap te ver. Bloeddruk meten bij mezelf ben ik wel gaan oefenen. De eerste metingen sloegen hoog uit, maar hoe vaker ik het oefende, hoe ‘normaler’ de waarden werden. En ergens was het een kick dat mijn spanning dus zichtbaar afnam. Iedere dag oefenden we er mee en na een week deed het me weinig meer. Na de volgende therapiesessie kreeg ik een spuitje - met een echte naald - mee naar huis. Ik speelde ermee en kraste wat over mijn huid. Heel spannend vond ik dat niet. Zo probeerden we iedere week iets nieuws. Rita zocht filmpjes uit op YouTube, die ik kon kijken. Het heeft behoorlijk wat voeten in de aarde gehad voor ik het filmpje van begin tot eind durfde te kijken. Eerst luisterde ik alleen naar het geluid. Daarna liet ik mijn man vertellen wat er gebeurde. Toen ik er klaar voor dacht te zijn, keek ik het filmpje tot het echt niet meer ging. Huilend zat ik soms aan de keukentafel - of in de trein - als ik weer een stukje film had gekeken. Sommige filmpjes bekeek ik in stapjes wel 25 keer. Tijdens de therapie prees Rita me steeds dat ik zo'n doorzetter was. Maar ik wilde dan ook echt van mijn angst af, al heb ik me heel vaak afgevraagd of dat ooit zou lukken. 

EMDR
In de tijd dat ik de therapie volgde, las ik ergens iets over EMDR, Eye Movement Desensitization and Reprocessing. EMDR is een behandelmethode waarbij je door middel van het volgen van bewegingen of geluiden, leert omgaan met je angst of traumatische ervaring en als het ware gereset wordt. Alhoewel ik heel sceptisch was over de behandelmethode, vroeg ik Rita of zoiets voor mij misschien ook kon werken. Het was het proberen waard. Een week later zat ik met een koptelefoon op mijn hoofd naar een soort tikkende klok te luisteren, terwijl Rita me vroeg om me bepaalde situaties voor te stellen. Daarbij moest ik de spanning die ik voelde een cijfer geven. Onderweg terug naar het station bedacht ik me wat voor kansloze therapie dit was en dat ik er echt geen vertrouwen in had dat dit mij zou helpen. Mijn echte angst zat hem namelijk in het daadwerkelijk prikken en het is heel moeilijk om je dat specifieke moment in te beelden. Toch deden we het twee weken later nog een keer. Mijn spanningscijfer was toen al aanzienlijk lager, maar dat weet ik aan het feit dat er nog steeds geen sprake was van een dergelijke prik en dat ik nu bekend was met de behandeling. 

De daadwerkelijke bloedafname
Twee maanden na de EMDR werd er bloed bij me afgenomen door een prikangstcoach. Ik had er geen slapeloze nacht voor gehad en eigenlijk voelde ik pas wat angst opkomen toen de naald al onderweg was naar mijn huid. Bizar als je bedenkt dat ik twee maanden eerder in blinde paniek zou zijn geraakt. En de bloedafname was nog op eigen verzoek ook! Het was namelijk helemaal niet de bedoeling dat ik bloed zou laten tappen. Rita en ik zaten samen bij de bloedbank, waar Rita een of twee buisjes bloed zou laten tappen door een prikangstcoach. Het was een onderdeel van mijn therapie. Het gaf me de gelegenheid om eens in de bloedbank rond te kijken en te kijken hoe iemand anders geprikt werd. Ik vond het erg spannend, maar terwijl ik keek hoe Rita geprikt werd, realiseerde ik me dat ik stappen wilde maken. Toen me gevraagd werd wat ik ervan vond, hoorde ik mezelf zeggen dat ik er klaar voor was om het ook te proberen. Gabriëlle, de prikangstcoach en Rita keken me vol verbazing aan, maar pakten goed door. Wilde ik ernaar kijken? Wilde ik alles stap voor stap doen? Wilde ik het weten wanneer de naald de huid in ging? Ja! Ik wilde alles zien. Ik wilde weten wat er gebeurde en iedere stap apart benoemen. Binnen een halve minuut was het buisje vol en zat ik met een watje de prikplek dicht te drukken. Huilend. Hikkend. Ik had het geflikt. En het was me 100% meegevallen. Ik wilde het liefste huppelen. Iedereen in mijn telefoonlijst wilde ik bellen, al wist ik eigenlijk niet goed wie. Ik was zo trots! Ik was natuurlijk nog niet van mijn angst af, maar de eerste - grote - stap was gezet! Dit bood perspectief. 

Een week later moest er 'echt' bloed geprikt worden in verband met de zwangerschap. Ik had geregeld dat Gabriëlle dit kon doen, zodat ik door een vertrouwd gezicht geprikt zou worden. Onderweg naar haar toe, werd ik onrustiger, maar ik had goed geslapen. Wat ik voelde was niets in vergelijking met mijn eerdere prikervaringen. Ook deze keer verliep het prikken heel voorspoedig. 

Alhoewel het bloedprikken nu voorlopig achter de rug was, was ik nog niet tevreden met mijn succes. Ik wilde zeker weten van mijn angst af te zijn. Ik vroeg daarom aan Gabriëlle en Rita of we misschien konden oefenen met een infuus. Een maand of twee later zat ik weer bij Gabriëlle in de stoel en zette ze een babynaaldje op mijn hand. De ervaring was heel bijzonder - ik had nooit eerder een infuus gehad - en weer was ik achteraf trots als een pauw dat ik zo ver was gekomen. Rita en ik hadden hierna geen gesprekken meer. De behandeling was immers zo goed als geslaagd. Wel besloten we de behandeling open te houden tot na de bevalling, zodat ik altijd iets had om op terug te vallen. 

Toen ik zo'n 32 weken zwanger was, bleek uit de vingerprik - waar ik overigens nooit moeite mee heb gehad - dat mijn ijzerwaarde aan de hoge kant was. Uit een normale bloedafname moest blijken of er iets aan gedaan moest worden. Omdat ik Gabriëlle niet 'lastig' kon blijven vallen, besloot ik gewoon bij de prikpost te laten prikken. Ik legde de dame die me zou prikken uit dat ik een therapie gevolgd had om van mijn angst af te komen, dus dat ik hoopte dat ze het een beetje met beleid wilde doen. Ze gaf aan dat de druk nu wel hoog kwam te liggen, maar dat ze er alles aan zou doen om het zo goed mogelijk te laten verlopen. Ook deze bloedafname ging heel goed en het viel reuze mee met de spanning. Ik had de prik wel gevoeld, maar dit bleek te komen doordat ze een extra dikke naald had gebruikt, zodat het buisje zo snel mogelijk vol zou zijn.

Waar ik het allemaal voor deed
Tijdens de bevalling die 16 uur duurde– ik zal je het hele verhaal besparen – heb ik op een gegeven moment zelf gevraagd om pijnbestrijding. Het infuus, waar ik voorheen zo bang voor was, was voor mij ineens geen angst meer. Toen de bevalling achter de rug was, en het infuus nog steeds in mijn hand zat, wilde ik wel zo snel mogelijk van die naald af. Ik was dan ook blij toen hij er eindelijk uit was.

Naalden en ik zullen wel nooit de beste vrienden worden. Toch kan ik weer rustig slapen en de angst beheerst mijn leven niet meer. Blijkbaar heeft de EMDR toch meer effect gehad dan ik op voorhand dacht. Of was het mijn eigen doorzettingsvermogen? Ik durf het niet te zeggen, maar ik hoop dat mijn ervaring jou inspireert om hulp te zoeken als je last hebt van een angststoornis. Het is niet nodig om de angst je leven te laten beheersen. En ja, je moet eerst door een heel diep dal om je angst onder ogen te zien, maar het resultaat is dat voor mij allemaal waard geweest.

Contact

Vlierdreef 8
4254 GK Sleeuwijk
06 23 501 636
marianne@languagelover.nl
KvK: 68666888

Over Language Lover

Niet alleen voor te schrijven teksten ben je bij Language Lover aan het goede adres. Language Lover is er ook voor je als je de tekst zelf hebt geschreven en op zoek bent naar iemand die de tekst nog eens kritisch voor je leest.